Besloten ruimten

Een besloten ruimte is:

  • een gesloten of deels open omgeving, 
  • vaak met een vernauwde toegang, 
  • die niet ontworpen is voor het verblijf van personen, 
  • en waar activiteiten plaatsvinden die risico’s met zich mee kunnen brengen op het gebied van veiligheid en gezondheid.

In de graanbe- en verwerkende industrie gaat het met name om: silo’s, tanks, mengers, (weeg)bunkers, koelers, bulkwagens, filterkasten(met name de achterzijde), kelders voor vloeistofopslag, putten enz. Incidenteel worden deze ruimten betreden voor inspectie-, reinigings-, reparatie- en onderhoudswerkzaamheden. De werkgever heeft een verantwoordelijkheid voor veilig werk in besloten ruimten; voor eigen personeel maar ook voor derden, zoals werknemers van externe bedrijven.

NB. Risico’s van gegaste containers en van het werken in schepen en duwbakken worden niet in deze module behandeld, maar in andere delen van deze arbocatalogus, namelijk in: 

In een besloten ruimte kan ondermeer gevaar bestaan voor:

  1. Verstikking. Door broei en gistingsprocessen in opgeslagen grondstoffen kan een tekort aan zuurstof ontstaan. Dat kan ook gebeuren door roestvorming in afgesloten tanks of ruimtes (Bij veroudering van producten wordt zuurstof verbruikt), lasprocessen, of door het uithardingsproces van bepaalde verfsoorten. 
  2. Bedwelming of vergiftiging. Door het in aanraking komen met schadelijke stoffen kan bedwelming of vergiftiging optreden. Opname in het lichaam kan met name plaats vinden via ademhalingswegen, maar soms ook via de huid of mond. Om welke gevaarlijke stoffen kan het gaan? Denk bijvoorbeeld aan koolstofdioxide (CO2) en koolstofmonoxide(CO) dat vrij kan komen uit grondstoffen door gisting of broei. Of grondstoffen die bewerkt zijn met formaldehyde, mierenzuur of fosfine. Of blauwzuur dat uit rapen of uit lijnzaad(schilfers)komt. Verder kan hexaan vrijkomen uit geëxtraheerde soja- en raapschroot en ammoniak uit meststoffen. In kelders, rioolsystemen en mestsilo’s kunnen zich giftige concentraties van gassen en dampen bevinden, gevormd door rottings- of gistingsprocessen (waterstofsulfide) of afkomstig uit gasleidingen. Tenslotte moet worden gewezen op het vrijkomen van giftige gassen of dampen bij lassen en bij het werken met snijbranders, afhankelijk van het gekozen lasproces en het metaalsoort.
  3. Brand- en explosie. Bij grondstoffen in besloten ruimten zoals graan en meel bestaat het risico van een stofexplosie als er ontstekingsbronnen aanwezig zijn. Denk aan mechanische ontstekingsbronnen als pompen en roerwerken. Maar er zijn ook andere ontstekingsbronnen mogelijk, zoals vonken van lassen of slijpen, silolampen die niet explosieveilig zijn, hete oppervlakten en statische elektriciteit. Daarnaast kunnen er door gasvorming brandbare gassen ontstaan en zijn gasexplosies mogelijk. Door een teveel aan zuurstof in de lucht (meer dan 21 volumeprocent), bijvoorbeeld door lekkage van slangen van snijbranders wordt het explosie- en brandrisico aanzienlijk groter. Knelgevaar en verwonding door bewegende delen. In een besloten ruimte werkende personen kunnen in aanraking komen met bewegende delen (bijvoorbeeld roerwerken in tanks, schuiven, vijzels, mengerassen met linten).
  4. Elektrocutie. Wanneer in besloten ruimten elektrisch gereedschap wordt gebruikt, kan door isolatiedefecten of -beschadigingen blootstelling aan elektrische stroom plaatsvinden. Zeker in metalen tanks, silo’s, koelers en mengers, omdat het hier om besloten ruimten gaat waarvan de wanden elektriciteit geleiden. (’nauw geleidende ruimten.’)
  5. Bedolven worden. Als bij werkzaamheden in een besloten ruimte de toevoer van grondstoffen niet goed is geblokkeerd, kan een werknemer daardoor bedolven raken. Ook als er in een silo wordt gelopen op opgeslagen grondstof/product, is het risico om weg te zakken en bedolven te raken aanwezig.
  6. Verdrinken. In vaten, tanks en kelders, waar zich vloeistof(resten) bevinden bestaat het gevaar van verdrinking, met name na een val.
  7. Vallen. Bij het betreden van silo’s en tijdens werkzaamheden in silo’s is van groot belang om adequate maatregelen te treffen tegen valgevaar. En als het mangat niet goed is afgezet, bij het van bovenaf betreden, is er ook valgevaar voor collega’s. Tenslotte dient tijdens werkzaamheden in silo’s voorkomen te worden dat werknemers worden geraakt door vallende voorwerpen of gereedschap. 

Een aanpak om te komen tot veilig werken in besloten ruimten bestaat in grote lijnen uit de volgende onderdelen*:

  • In kaart brengen van alle besloten ruimten op het eigen bedrijfsterrein waar eigen personeel of derden in werken. Vul dit overzicht eventueel aan met besloten ruimten bij de klant waar incidenteel eigen personeel in werkt. Markeer de besloten ruimten in het eigen bedrijf (bv met een pictogram) en geef per besloten ruimte aan welke risico’s daar precies aan de orde zijn. Voeg dit overzicht als bijlage toe aan de RI&E en neem benodigde maatregelen op in uw plan van aanpak.
  • Het - waar mogelijk- verminderen van bedwelmings- en vergiftigingsrisico’s door aanpak bij de bron. Denk bijvoorbeeld aan het tegengaan van broei of aan het lassen/slijpen van demontabele delen buiten de silo.
  • Als het toepassen van veiligheidsvoorschriften die in deze module zijn opgenomen in de praktijk een probleem opleveren, is het een optie om voor werkzaamheden in besloten ruimte een gespecialiseerd silobedrijf en/of schoonmaakbedrijf in te schakelen. Uiteraard is het dan van belang om toe te zien op een juiste toepassing van de voorschriften.
  • Het opstellen van een procedure voor veilig werken in de diverse besloten ruimten.
  • De procedure heeft als basis een werkvergunningssysteem, en bevat op onder meer de volgende punten:
    • zuurstofmeting en gasanalyse;
    • een veilige afdaalmogelijkheid, met name bij silo’s met een mangat aan de bovenzijde;
    • explosieveilige elektrische gereedschappen, verlichting, kleding en schoeisel;
    • toezicht tijdens werkzaamheden in een besloten ruimte (mangatwacht)
    • maatregelen tegen bedolven raken, beknelling en elektrocutie;
    • adembeschermingsmiddelen en andere persoonlijke beschermingsmiddelen;
    • noodprocedure.
  • Voorlichting en onderricht aan betrokken werknemers en hun leidinggevenden. Organiseer ook toezicht om na te gaan en te stimuleren dat in de praktijk de opgestelde procedure goed worden gevolgd.

* = Al de bovengenoemde onderdelen worden uitgewerkt in de oplossingen bij deze module van de arbocatalogus.

 

 

Hier volgt een verkorte weergave van de belangrijkste wettelijke regels over werken in besloten ruimtes. Deze bepalingen zijn voornamelijk afkomstig uit het Arbobesluit.
(Zie voor meer informatie het Arbo-informatieblad 5: Werken in besloten ruimten.)

Artikel 3.5g. Gevaar voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie
Als vermoed kan worden dat de atmosfeer in een ruimte zodanig is dat daardoor gevaar bestaat voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie, dan mag de werknemer zich alleen in die ruimte begeven als uit onderzoek blijkt dat het gevaar niet aanwezig is. Blijkt uit dat onderzoek dat zulke gevaren inderdaad bestaan, dan moeten doeltreffende maatregelen worden getroffen om veilig werk mogelijk te maken. 

Als het niet mogelijk is om deze maatregelen te treffen en werkzaamheden in de besloten ruimte zijn noodzakelijk, dan wordt de werknemer permanent geobserveerd en worden doeltreffende maatregelen genomen om deze werknemer te beschermen tegen het gevaar, en bij direct gevaar onmiddellijk op doeltreffende wijze hulp te bieden.

Er is in ieder geval sprake van:

  • gevaar voor verstikking: als de atmosfeer minder dan 18 volumeprocent zuurstof bevat;
  • gevaar voor bedwelming of vergiftiging als de concentratie van de betreffende stoffen in de atmosfeer hoger is dan de wettelijke grenswaarden
  • gevaar voor brand of explosie als in de atmosfeer de concentratie van zuurstof hoger is dan 21 volumeprocent, of als de concentratie van brandbare gassen of dampen hoger is dan 10 volumeprocent van de onderste explosiegrens.

Artikel 4.6. Voorkomen van ongewilde gebeurtenissen
Neem adequate maatregelen om tijdens werkzaamheden blootstelling aan gevaarlijke stoffen, brand en explosie te voorkomen 

Artikel 3.16. Voorkomen valgevaar
Er is in elk geval sprake van valgevaar als het gevaar bestaat om 2,5 meter of meer te vallen en bij aanwezigheid van risicoverhogende omstandigheden, zoals openingen in vloeren.  Gebruik geschikte veiligheidsvoorzieningen zoals worden doelmatige veiligheidsgordels met vanglijnen van voldoende sterkte, dan wel worden andere technische middelen. 

Instemmingsrecht
De ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging heeft instemmingsrecht bij invoering, aanpassing of intrekking van een regeling op het gebied van arbeidsomstandigheden. Een regeling rond het werken in besloten ruimten valt daarmee ook onder het instemmingsrecht. (Wet op de ondernemingsraden, artikel 27.1.d).