EX-07 Zonering

Door het opstellen van een zonetekening wordt inzichtelijk gemaakt waar binnen het bedrijf explosieve atmosferen voor kunnen komen. Deze tekening is bijvoorbeeld noodzakelijk om te weten aan welke eisen nieuw aan te schaffen apparatuur binnen de verschillende zones moet voldoen of op welke plaatsen met explosieveilige apparatuur gewerkt moet worden.

Stap 1: Is zonering nodig?
Bepaal of de zones moeten worden ingedeeld. Hiervoor kunt u figuur 1 uit de NPR 7910-2:2010 gebruiken.

Stap 2 : Plattegrond van uw bedrijf
Zorg dat u een plattegrond of tekening heeft van uw bedrijf, bij voorkeur op schaal (schets mag ook). Op deze plattegrond geeft u de verschillende ruimten en de installatie onderdelen aan die zich op de locatie van uw bedrijf bevinden. Eventuele installatie onderdelen die zich buiten bevinden, dienen ook aangegeven te worden.

Stap 3:  Voorkomende gevarenzones
Inventariseer welke gevarenzones aanwezig zijn. Op de zonetekening hoeft u alleen de uitwendige gevarenzones aan te geven. De inwendige zonering van een silo of een leiding hoeft niet aangegeven te worden op de zonetekening. Geef wel aan op de tekening dat de inwendige delen gezoneerd zijn, bijvoorbeeld door daarover een regel tekst op te nemen onder de tekening. Dit is van belang voor mensen die binnen uw bedrijf bijvoorbeeld onderhoud of reparaties uitvoeren  en voor bedrijfshulpverleners. Voor de inventarisatie van gevarenzones kunnen figuur 2 en 3 uit de NPR 7910-2:2010 worden gebruikt.

Zo ontstaat een indeling in de volgende zones:

  • Zone 20: Dan is een stofwolk meer dan 10% van de bedrijfstijd aanwezig, zonder goede afzuiging.
  • Zone 21: Dan is een stofwolk meer dan 0,1 % van de bedrijfstijd aanwezig, zonder goede afzuiging.
  • Zone 22: Dan is een stofwolk minder dan 0,1% van de bedrijfstijd aanwezig, zonder goede afzuiging.
  • NGG: Niet Gevaarlijk Gebied, dan is een stofwolk minder dan 10% van de bedrijfstijd aanwezig, met goede afzuiging en met de waarborg dat het proces wordt gestopt als de afzuiging uitvalt.

Stap 4 : Intekenen gevarenzones
Teken op schaal een cirkel rond de installatie onderdelen die gezoneerd zijn, zie onderstaande illustratie. U moet de gevarenzone aanduiden met een (door de wet) vastgestelde arcering.

Stap 5: Plan van aanpak
Om er voor te zorgen dat de noodzakelijke maatregelen ook daadwerkelijk worden uitgevoerd bent u verplicht een plan van aanpak op te stellen. In de onderstaande tabel geeft u per afzonderlijk installatie onderdeel aan welke maatregel nog niet is uitgevoerd. Per maatregel geeft u aan wie verantwoordelijk is voor de uitvoering en voor wanneer de maatregel uitgevoerd dient te zijn. Geef ook aan wanneer de maatregel daadwerkelijk is gerealiseerd. Uw plan van aanpak is dan compleet en voldoet aan de geldende regelgeving.

Installatie

onderdeel           

Maatregel                                Verantwoordelijk  Planning    Gerealiseerd 
         
         
         
         
         

Organisatorische oplossing

illustratie